Windturbines op zee leveren pas iets op als hun stroom ook veilig aan land raakt. Daarom bouwt netbeheerder Elia op zo’n 45 kilometer van de kust het Prinses Elisabeth Eiland: het toekomstige knooppunt voor de nieuwe Belgische windparken op de Noordzee. Begin september kreeg dat project een stevige financiële duw in de rug.
ECO2050 kijkt vol belangstelling naar de ontwikkeling van dit energie-eiland, omdat ze de toekomstige Prinses Elisabeth Zone mee mogelijk maakt. Wij houden steeds de vinger aan de pols bij alle projecten die de Belgische energietransitie realiseren, en onderzoeken mogelijkheden om onze coöperanten mee te laten investeren.
Lagere nettarieven door goede lening Elia?
De Europese Investeringsbank (EIB) kent Elia nu een kredietlijn van 1 miljard euro toe. In 2024 leende de bank al 650 miljoen euro. Volgens Elia is daarmee bijna de helft van de eerste fase, geraamd op 3,6 miljard euro, met Europese middelen gefinancierd. Omdat die leningen goedkoper zijn dan op de private markt, verwacht Elia zo’n 100 miljoen euro te besparen. Dat voordeel zou via lagere nettarieven terugvloeien naar gezinnen en bedrijven. Een welgekomen steun voor een project dat de voorbije jaren onder druk stond door sterk oplopende kosten.
Ook Ventilus blijft een essentieel puzzelstuk
Het energie-eiland staat niet op zichzelf. Het eerste nieuwe windpark in de Prinses Elisabeth Zone, goed voor 700 megawatt, kan pas aangesloten worden als ook de Ventilus-netversterking in West-Vlaanderen klaar is. Elia wil beide tegen oktober 2031 in gebruik nemen. De regering zal de aanbesteding voor dat windpark vermoedelijk dit najaar lanceren.
Zonder dit soort infrastructuur geraakt offshore windenergie niet tot bij gezinnen en bedrijven. Elke nieuwe verbinding bepaalt mee hoeveel windstroom straks aan land komt.
Meer achtergrond over de financiering, de bijgestuurde plannen en de planning van het energie-eiland in de Noordzee? Lees het volledige artikel in De Tijd of op VRT NWS.
ICA-Principe 5: Onderwijs, vorming en informatieverstrekking