De uitbouw van windenergie op land in Vlaanderen vertraagt opvallend. In de eerste helft van 2026 kwamen er slechts twee nieuwe windturbines bij. Dat bevestigt een trend die al enkele jaren zichtbaar is: steeds minder nieuwe projecten vinden hun weg naar realisatie.
De redenen zijn divers. Vergunningsprocedures duren vaak jaren, buurtbezwaren zorgen voor vertraging en geschikte locaties worden schaarser. Volgens energie-experts zijn veel van de meest interessante locaties voor windenergie ondertussen al benut. Nieuwe projecten moeten vaak rekening houden met woningen, natuurgebieden, erfgoed of andere ruimtelijke beperkingen.
Ook recente dossiers tonen hoe complex de zoektocht naar nieuwe locaties geworden is. Zelfs wanneer er een bepaald draagvlak bestaat voor windenergie, zoals bij nieuwe turbines langs de E40 in Gingelom, moeten ontwikkelaars rekening houden met tal van voorwaarden rond geluid, slagschaduw, natuur en landschap. Dat is begrijpelijk, maar het maakt nieuwe projecten steeds uitdagender.
Ruimtelijke grenzen vragen om aanvullende oplossingen
Windenergie op land blijft een belangrijke bron van hernieuwbare energie. Bovendien kunnen bestaande turbines in de toekomst vervangen worden door krachtigere exemplaren, waardoor op dezelfde locatie meer groene stroom geproduceerd kan worden. Toch is het al langer duidelijk dat de verdere groei van windenergie niet uitsluitend op land zal kunnen plaatsvinden.
Vlaanderen is een dichtbebouwde regio waar ruimte een schaars goed is. Terwijl de vraag naar hernieuwbare elektriciteit de komende jaren verder zal toenemen door elektrificatie van vervoer, verwarming en industrie, botsen nieuwe windprojecten op land steeds vaker op ruimtelijke grenzen.
Daarom wordt offshore windenergie steeds belangrijker.
Offshore biedt schaal waar land beperkt is
Op zee zijn de mogelijkheden aanzienlijk groter. Windturbines kunnen er verder van woningen worden geplaatst, de windomstandigheden zijn er doorgaans gunstiger en grotere installaties zijn mogelijk. Daardoor kunnen offshore windparken een veel grotere hoeveelheid elektriciteit produceren dan vergelijkbare projecten op land.
Dat offshore windenergie een cruciale rol zal spelen in onze toekomstige energievoorziening, wordt ook bevestigd door recente federale beslissingen. Deze zomer keurde de federale regering een vernieuwd kader goed voor de eerste concessiezone in de Prinses Elisabethzone (PEZ 1), het nieuwe Belgische gebied voor offshore windenergie in de Noordzee. Daarmee wordt een belangrijke stap gezet richting bijkomende productiecapaciteit op zee en krijgt de verdere uitbouw van offshore windenergie opnieuw vaart. ECO2050 volgt dit dossier dan ook van dichtbij op, om straks ook burgers de kans te geven hiervan de vruchten te plukken.
Voor een regio als Vlaanderen, waar de beschikbare ruimte beperkt is en nieuwe windprojecten steeds vaker op praktische en ruimtelijke grenzen botsen, vormt offshore windenergie dan ook een noodzakelijke aanvulling op windenergie op land, zonnepanelen en andere hernieuwbare energiebronnen. De energietransitie vraagt immers niet om één enkele oplossing, maar om een mix van technologieën die elkaar versterken.
ICA-Principe 5: Onderwijs, vorming en informatiestrekking
Bronnen: